maandag 30 mei 2011

Vlaamse steden en gemeenten aan het woord in het Europees Parlement

Vertegenwoordigers van de 13 Vlaamse centrumsteden, van de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) van Brussel en van de Vlaamse Vereniging van Steden en Gemeenten (VVSG) waren te gast in het Informatiebureau van het Europees Parlement in Brussel. De conferentie "Hoe openen we de deur naar de Europese beslissingsarena?" georganiseerd door het Kenniscentrum Vlaamse steden in samenwerking met het Informatiebureau voor België, ging dieper in op de Europese besluitvorming en over de mogelijke betrokkenheid van het lokale niveau.

In de voormiddag werd er voornamelijk informatie gegeven. Louise Van Schaick van het Clingendael instituut gaf een toelichting bij de Europese besluitvoering, terwijl Hans Verdonk, vertegenwoordiger van Rotterdam bij de Europese instellingen, en Anna Drozd van Eurocities, concreet maakten hoe steden zich kunnen organiseren om ook bij de Europese besluitvoering hun stem te laten horen.

Gemeenten en steden zijn het beleidsniveau dat het dichtste bij de burger staat en die vaak in eerste instantie betroffen worden door beslissingen die op Europees niveau getroffen worden. Sommige van deze beslissingen kunnen verstrekkende financiele gevolgen hebben voor steden en gemeenten. Ook zij moeten hun zeg kunnen doen. In de namiddag gingen de aanwezigen hierover in discussie met Europarlementslid Dirk STERCKX (ALDE), Lewis DIJKSTRA van de Europese Commissie en Jan Haers, vertegenwoordiger van Vlaanderen bij de Belgische Permanente Vertegenwoordiging.

VRT journalist Lucas Devos die het debat animeerde, vatte het debat als volgt samen: er is nog veel werk aan de winkel.
Vooreerst moet in eigen huis eens orde op zaken gesteld worden en bekeken worden hoe de Vlaamse steden en gemeenten écht kunnen betrokken worden in het besluitvormingsproces en hoe zij als lokaal niveau hun inbreng kunnen doen in de totstandkoming van Vlaamse en Belgische bijdragen in de discussie. Dit is een probleem dat in eerste instantie op Vlaams niveau moeten worden bekeken.
Er moet ook gewerkt worden aan een betere doorstroming van informatie. Europeanisering is niet alleen de prioriteit van de stedelijke dienst "Europa" of "internationale betrekkingen". Alle beleidsdomeinen hebben een Europese dimensie. Dit wil zeggen dat relevante informatie van het Europese niveau ook bij de juiste personen, bij die ambtenaren die een domein beheren, geraken.
Veel werk is er ook nog aan de verbetering van het overleg tussen de steden over Europese dossiers. Op Vlaams én op Europees vlak, moeten netwerken worden uitgebouwd en steden moeten assertiever de besluitvorming volgen en niet aarzelen om al in de beginfase van een Groenboek bij de Commissie aan te kloppen.
Tot slot moet de Commissie bij de opstelling van haar impactanalyses ook de gevolgen van een mogelijke uitvoering van hun voorstellen, op het lokale beleidsniveau analiseren.